Koud weer, warme gemeenschap

Geschreven door: Florian Albronda en Vincent Walstra

Nadat we onze bergschoenen hebben aangedaan, warme trui, thermokleding, muts, sjaal, jas en handschoenen hebben aangetrokken, lopen we naar het afgesproken punt voor ons appartement. Hier worden we zo opgehaald om mee te lopen in een zogeheten Moai. Een Moai is een initiatief dat is overgenomen vanuit Japan, waarbij een groep mensen intensief met elkaar omgaat om een sterke sociale band op te bouwen. Deze groep doet dit door wekelijks op zaterdagochtend af te spreken. Normaal gesproken gaan zij fietsen of wandelen, als er sneeuw ligt komen er sneeuwschoenen aan te pas. En sneeuw ligt er zeker. De wegen zijn weliswaar sneeuwvrij, maar de rest van Cedar Falls is bedekt met een flinke laag sneeuw en ijs. De stoep is nauwelijks te belopen, lopen doe je überhaupt niet in dit weer, dat was de eerste les die we meekregen. In de supermarkt kwam een man naar ons toe om te vragen of wij die jongens waren die hij langs de weg had zien lopen. Dit konden we bevestigen en zijn blik verraadde dat hij dit óf erg dapper, óf erg dwaas vond. Misschien een beetje van beide.

Ondertussen staan we dus tussen de opgehoopte sneeuw langs de kant van de weg te wachten, ach dan maar een paar sneeuwballen naar elkaar gooien. Een informant heeft ons in contact gebracht met één van de deelnemers van deze Moai. Zij komt ons als het goed is ophalen op deze afgesproken plek, maar we hebben geen idee wie we precies moeten verwachten. Voordeel is dat we waarschijnlijk de enige twee personen zijn die langs de kant van de weg staan te wachten op hun lift, ze zullen ons niet over het hoofd zien. Dan stopt er een auto waar een enorm enthousiaste vrouw uitstapt. Zij en haar man groeten ons vriendelijk en nemen ons mee naar de startplek van onze sneeuwschoen wandeltocht. We ontmoeten nog vijf andere deelnemers en vertrekken het bos in.

Cedar Falls is een klein stadje in Iowa, midden Verenigde Staten. Het is een agrarische staat en dit stadje heeft iets meer dan 30.000 inwoners. Iowa staat bekend om de start van de presidentiële verkiezingen, en daar is dan ook alles mee gezegd. Waar andere staten grote steden of natuurlijke wonderen herbergen, heeft Iowa vooral maïs. De week van aankomst is het erg koud en ligt er veel sneeuw. Het is even wennen, maar de mensen zijn super. Vanaf de eerste dag worden we op sleeptouw genomen door onze informanten en leren we elke dag weer een hoop nieuwe mensen kennen. In eerste instantie is het wat wennen aan de onbekenden die je begroeten met ‘’Heeey, how are you today?’’ waarop je natuurlijk antwoord ‘’Fiiiine! How are youuu?’’ met een respons dat het goed of soms zelfs geweldig gaat. Menen de mensen dit? Zijn ze echt zo aardig of is het allemaal show? Toch blijkt nu, na drie weken, dat het vaak menens is. Mensen zijn enorm behulpzaam en erg vriendelijk. Zo ontmoetten we een man in een café, raakten aan de praat en 10 minuten later besloot hij ons twee fietsen te lenen voor de komende acht weken, we konden ze de dag erna ophalen.

Deze vriendelijkheid komt ook tijdens de sneeuwschoen Moai naar voren. Terwijl we door het bos lopen en herten, kalkoenen, een uil en tientallen eekhoorns spotten, komen we allebei van het ene in het andere gesprek terecht. Opvallend, en voor de antropoloog in het veld ideaal, is dat de mensen hier graag vertellen over wat ze denken, doen, wie ze kennen en wat ze je te bieden hebben. Op deze manier rollen we van de ene in de andere meeting en hebben we binnen no-time een behoorlijk aantal informanten. Na de Moai drinken we nog een kop koffie of thee en kletsen wat door. Ze vinden het leuk dat we van alle plekken in de wereld nou net in Cedar Falls terecht zijn gekomen voor ons onderzoek, dat maakt ze toch wel trots en draagt waarschijnlijk bij aan alle behulpzaamheid en interesse in ons onderzoek. We vertellen hen dan dat we onderzoek doen naar het Blue Zones Project, een landelijk project dat in onder andere Cedar Falls is neergestreken, dat zich richt op het creëren van een gezonde levensstijl. De opgerichte Moais zijn hier een onderdeel van.

Inmiddels is de sneeuw al vrijwel weggetrokken. De platte omgeving, dorpse sfeer en het wisselvallige klimaat (met de bijkomstige dagelijkse gesprekken over het weer) doen enigszins Nederlands aan. De roots van de mensen ligt dan ook vaak in Nederland, Duitsland of Denemarken wat ons weer raakvlakken geeft met de lokale bevolking. Gelukkig zijn er de kleine courgettes voor $2,50, het aankomende baconfestival, de opmerking dat we in de nabij liggende stad een pistool nodig zullen hebben (weliswaar een grapje), de fietsonvriendelijkheid, college basketball, en de Walmart er om ons er aan te herinneren dat we toch echt in de VS zijn. Cedar Falls is zeker niet de meest exotische plek waar een antropoloog naar toe kan gaan, maar ben je op zoek naar vriendelijke mensen en het ‘local’ Amerikaanse leven, dan zit je hier zeker goed. Nu nog hopen dat de sneeuwstorm, die zich hier tot en met mei kan melden, dit jaar voorbij waait